Draai om je oren
Festivalverslag



home  
    
    
 

North Sea Jazz 2018 Dag 3

De zondag van North Sea Jazz was voor de echte jazzliefhebbers niet de beste dag, wat niet wegneemt dat er een aantal interessante bands te horen waren, met name in de helaas veel te volle en veel te hete Madeira-zaal. Martin Fondse mocht daar met zijn orkest en twee gasten aftrappen.

Een festivalverslag door Ben Taffijn, met foto's van Louis Obbens en Cees van de Ven.
Zondag 15 juli 2018, Ahoy, Rotterdam.

Martin Fondse, winnaar van de Buma Boy Edgar Prijs 2017, trok de afgelopen maanden met dit orkest langs de Nederlandse podia en is ook dit najaar nog op een aantal plaatsen te horen. Maar hier dus samen met harpist Remy van Kesteren en trompettist Eric Vloeimans, een van de voordelen van dit soort festivals. Fondse schrijft zeer lyrische, harmonieuze composities met veel gevoel voor de diverse instrumenten en een beeldende kracht. De ervaring die hij de laatste jaren opdeed met grote bezettingen - zo stond Fondse met het Nationaal Jeugd Jazz Orkest in 2016 op North Sea Jazz - hoor je hier duidelijk terug. Fondse is dan ook meer bandleider, componist en arrangeur dan pianist. Ook in dit concert krijgen de deelnemers volop de ruimte en wisselen de diverse stemmen elkaar goed af. Mooi zijn het intieme 'Tomorrow Eyes' met een tekst van Van Kesteren en gezongen door Anne Serierse, het bijna sacrale 'Gloria' - met een klassiek aandoende solo van cellist JŲrg Brinkmann en prachtig getrokken lijnen van tenorsaxofonist Mete Erker en het door Sanne Rambags gezongen 'Walking Across The Atlantic', ondersteund door de repetitieve klanken van Van Kesteren en met een krachtige solo van Vloeimans.

Mulatu Astatke studeerde in de jaren zestig muziek in Londen, Boston en New York en bracht die invloeden mee naar zijn eigen land, EthiopiŽ. Zo legde hij de basis van wat we ethio jazz zijn gaan noemen. Die versmelting zie je terug in zijn eigen instrumenten: de westerse vibrafoon enerzijds en slagwerk uit EthiopiŽ anderzijds en in dat van de leden van zijn band. Enerzijds de piano, sax en trompet, anderzijds de Afrikaanse percussie en de krarr, de Ethiopische lier. Het leidt tot een zeer ritmische, melodieuze muziekstijl waarin die twee werelden samenkomen. Astatke leidt zijn orkest met vaste hand en is zonder meer de leider, maar is allesbehalve een showman. Zijn solo's voegen zich maar de melodie en al te grote uitweidingen staat hij zichzelf niet toe. Het komt het geheel ten goede, want deze muziek moet het hebben van de wiegende ritmes en de pakkende melodieŽn. Leuk om hier pianist Alexander Hawkins aan te treffen, die we kennen van zijn samenwerking met de Amsterdamse impro-musici, zoals laatst weer tijdens het Doek Festival, maar waarvan we hier een heel andere kant horen. Vooral lekker zijn de melodieŽn die hij speelt op zijn Nord Stage 3-synthesizer, met dat vette, space-achtige geluid.

De kwaliteiten van Vijay Iyer behoeven inmiddels geen betoog meer. Waarom zijn sextet niet in een grotere, betere zaal is geprogrammeerd, blijft onbegrijpelijk. Madeira zat afgeladen vol en de temperatuur naderde het kookpunt. De musici hadden het er zichtbaar moeilijk mee en met name kornettist Graham Haynes had het zo nu en dan duidelijk niet geheel naar zijn zin. De stukken die werden gespeeld tijdens dit concert komen vooral van het alom bejubelde 'Far From Over', dat vorig jaar uitkwam bij ECM Records, aangevuld met een aantal nieuwe composities. We weten het al langer: Iyers muziek is verre van gemakkelijk. Het zijn een soort van muzikale labyrinten waar Iyer je intrekt. Eenmaal binnen, kom je er nooit meer uit. Tegelijkertijd hebben die stukken een sterke ritmische structuur waar met name bassist Stephan Crump en drummer Tyshawn Sorey voor tekenen. Die laatste was er helaas niet bij in Rotterdam. De nog jonge Jeremy Dutton verving hem en deed dat lang niet slecht, hooguit was hij soms iets te eager en te enthousiast. Qua blazers niets te klagen. Altsaxofonist Steve Lehman glorieerde weer in zijn enigmatische solo's en Mark Shim zorgde voor vuurwerk op tenor, terwijl Haynes de klanken van zijn cornet en bugel uitbreidde met elektronica. Iyer zelf is steeds meer de bandleider en steeds minder de pianist, al hoorden we ook nu weer gloedvolle, halsbrekende solo's op piano en Fender Rhodes.

North Sea Jazz 2018 rekte ook dit jaar de grenzen van de jazz weer op. Het leverde weer een vrijwel uitverkocht festival op en zo'n 70.000 bezoekers. Een paar punten van kritiek zijn echter op zijn plaats. De ťchte jazz - en daar reken ik even niet de soul, de blues en aanverwante stromingen toe - wordt stelselmatig in te kleine zalen geprogrammeerd. Zelf je programma samenstellen en je dus bewegen tussen de diverse zalen wordt daardoor steeds moeilijker. Volga, Yenisei en Madeira zitten nogal eens vol, waardoor vele bezoekers hun geplande concerten missen. Prachtig natuurlijk dat North Sea Jazz nog zoveel echte jazz programmeert, prachtig dat nog zoveel mensen er ook van houden, nu alleen nog wat betere locaties voor deze vaak avontuurlijke en grensverleggende acts. En ja, dat mag best een beetje ten koste gaan van het geijkte repertoire.

Klik hier voor een fotografisch verslag van de derde dag van North Sea Jazz 2018 door Louis Obbens.


Meer North Sea Jazz?

  • Festivalverslag vrijdag 13 juli 2018
  • Festivalverslag zaterdag 14 juli 2018