Draai om je oren
Festivalverslag



home  
    
    
 

North Sea Jazz wordt vijftig - Part 1

America 250 jaar, Miles Davis '100 jaar' en North Sea Jazz 50 jaar; wat is de overeenkomst tussen al die verjaardagen? Je zou kunnen zeggen dat de grote golfbeweging van de tijd ons laat zien hoe positieve vernieuwing altijd het gevolg is van respect voor traditie, gekoppeld aan experiment en improvisatie. America, Miles en het NSJ Festival gaven ons met jazzmuziek een levende geschiedenis die zich blijft vernieuwen.

North Sea Jazz Festival, vrijdag 10 juli 2026, Ahoy, Rotterdam
Tekst: Monica Rijpma | Foto's: Louis Obbens

De eerste dag van NSJ 2026 vormt hierop geen uitzondering, maar juist een illustratie. Als een rode draad is elke dag in verschillende zalen de documentaire van Hans Hermans en Martin Maat te zien. In vijftig jaar is het festival uitgegroeid tot het lievelingsevenement van publiek en musici wereldwijd. Die omvang brengt wel met zich mee dat je keuzes moet maken, en een verslag blijft dus altijd een aaneenrijging van snapshots van de unieke momenten die livemuziek zo bijzonder maken. Gelukkig staat de documentaire 'The Artist's Take – North Sea Jazz 50' ook op YouTube.

Hoogtepunten van de eerste dag waren er volop: het concert van Snarky Puppy met het Metropole Orkest, de reünie van Roy Hargrove's RH Factor, het optreden van Jon Batiste die daarna in verschillende zalen nog een cameo kwam doen, pianist Robert Glasper, die met zijn spel genres en mensen verbindt, de 'ontdekkingen' van zangeres Ekep Nkwelle en de jongens van LA LOM. Daarnaast is er de 'klassieke' moderne jazz van onder anderen Esperanza Spalding, Joshua Redman, Kenny Barron, en het nieuwe superkwartet Rubalcaba/Potter/Grenadier/Harland.

Helaas moesten de Nederlandse acts door tijdgebrek links blijven liggen, met de gedachte dat die in de loop van het jaar toch wel ergens 'thuis' te zien zullen zijn. Een vermelding verdient wel saxofonist Ben van Gelder, die zijn compositieopdracht kwam uitvoeren; daaraan kan op een ander moment een eigen recensie worden gewijd. Op zondag zorgde hij bij Jamie Peet's Reflex ook voor prachtige momenten met zijn altsax en fluit. Drummer Pierre Courbois staat vijftig jaar later met zijn 3Gen3 op het festival, en is daarmee een van de weinigen die vandaag de dag nog aanwezig zijn en die ook al bij de allereerste editie in 1976 geprogrammeerd stonden. Spreek van duurzame relevantie! Benjamin Herman bracht een set met de Japanse toetsenist BIGYUKI, die in New York furore maakt binnen de hedendaagse Black Music-scene, met zijn onderscheidende sound: een blend van jazz, hiphop, soul en elektronische muziek.

Beginnen met Snarky Puppy en het Metropole Orkest is een mooie manier om lof toe te zwaaien aan de kwaliteit en diversiteit van onze vaderlandse scene en van dit festival. De wowfactor van NSJ blijkt ook uit projecten als de compositieopdracht, het artist-in-residence-schap - dit jaar voor Cécile McLorin Salvant - en de mix-and-match-ontmoetingen die de organisatie hier op het podium bemiddelt. Herhaaldelijk vertellen artiesten dat dit festival hun favoriet is. Snarky Puppy's Michael League voegde daaraan toe dat hij niet uitgepraat raakt over de samenwerking met het Metropole Orkest.

Het optreden was een integrale uitvoering van het album 'Somni', dat vorig jaar live werd opgenomen in Utrecht. Na 8 juli, in de Arena Santa Giuliana tijdens Umbria Jazz, was dit pas de tweede uitvoering. Voor het Metropole Orkest was het bovendien de allereerste keer dat het in Italië speelde. Tijdens een van de interviews op het Central Stage Podium vertelt dirigent James Buckley hoe uniek zo'n reiservaring met zo'n groot orkest is, eigenlijk gekkenwerk.

Je voelt de broederschap van deze recent gedeelde ervaring. Band en orkest komen in het wit gekleed het podium op. De strijkers zetten de eerste maten in en de viool speelt de melodie, die wordt opgepikt door de blazers. Later pakt violist Zach Brock uit met een prachtige solo. Het stuk etaleert de spanning tussen orkest en solist, met steeds de wisseling tussen brede symfonische passages en de eenzame stem van de solist. De verschuiving van groep naar een paar maten pure melodie of opzwepende solo benadrukt het verschil tussen de harmonische instrumenten en arrangementen enerzijds en een blazer die juist geen akkoord kan spelen anderzijds. Band en orkest bewegen als een exotisch wezen in symbiose met elkaar. En dat alles al in de eerste uren van de eerste dag.

In zaal Darling is ondertussen drummer Questlove bijna klaar met zijn set, die al om kwart voor vier was begonnen. Ondersteund door Robert Glasper op piano en Christian McBride op bas komt er een verrassing: uitbreiding met de friends - de blazers van The Roots. Vrijdag wordt afgesloten met The Roots in de grote zaal Nile, waar dan weer Bilal en Jon Batiste komen meejammen. Jam en improvisatie zorgen voor die unieke eenmaligheid van live jazz.

Op de bekende baslijn van 'Red Clay' begint het ensemble te swingen, aangemoedigd door een paar ad-hoc kreten van de bandleider die 'only the white people' uitnodigt om mee te doen. De toon is gezet. De groove hield aan tot de hele zaal meebewoog. The Roots, Questlove, Bilal: het is een ecosysteem van samenwerkende producenten, dj's en muzikanten die met het American Songbook, als met de paplepel ingegoten oefenmateriaal, vervolgens alle begane paden hebben verlaten. Zo is de versie van 'Stella By Starlight' onherkenbaar geworden, en met het gezuchte "Stellah, Stellah, Stellah" ga je zo weer helemaal geloven in die toch wel wat afgekloven standard. Je waant je driving in a Cadillac, sipping lemonade with the sunroof down.

Questlove, McBride en Glasper duiken later elk afzonderlijk nog enkele keren elders op het festival op. In hun collectieven en experimentele projecten mengen ze de basis van een meanderende groove met de harmonische diepgang van jazz en de hallucinerende teksten van hiphop.

Hiermee is een mooie brug geslagen naar Roy Hargrove's RH Factor, het collectief rondom de te vroeg overleden trompettist Roy Hargrove. De RH-'factor' is springlevend, zoals mensen als Questlove en vrienden laten zien. Jazz, soul, funk en r&b samenbrengen was de essentie van die RH Factor, en de reünie van de originele leden maakte ook dit concert tot een hoogtepunt. Brian Hargrove op keyboard (familie?) en Todd Parsnow op gitaar vulden de band aan met precies die hard-groove en energie die Hargrove begin jaren 2000 introduceerde met zijn fusion-uitstapje. Luister bijvoorbeeld naar 'Poetry', met hiphopper Q-Tip en Erykah Badu, en je hebt de missing link. Op NSJ was de RH Factor helemaal terug, en je vraagt je af: wat staat Questlove & friends, The Roots en Badu in de weg, om samen een zomers minifestival te brouwen?

De 'gewone' moderne jazz was met meerdere topnamen vertegenwoordigd - bijna te veel om alles te kunnen verwerken, en onmogelijk om een heel concert helemaal mee te pakken. Esperanza Spalding kan, ondanks haar jonge jaren, eigenlijk nu al een klassieker genoemd worden. Ze vertelt hoe ze zo'n vijftien jaar geleden bij haar eerste North Sea Jazz nog verlegen en overweldigd was door 'de grote namen'. Nu vult ze zelf zaal Hudson. Ook dat is NSJ: opkomend talent naast gevestigde coryfeeën. Bij Spalding vraag je je af hoe zoveel talent in zo'n tenger lichaam schuilgaat. Haar basspel is vol, adrem, warm en soms razendsnel; dan weer melodisch of humoristisch. Net als in haar teksten en bebopzang, die ze declameert, hopt Spalding als een vogel van tak naar tak. Als componiste, bassiste en vocaliste zet Spalding, samen met gitarist Matthew Stevens en drummer Eric Doob - die beiden ook zingen - alles met overtuigende kracht neer.

Pianist Kenny Barron bracht met een gelegenheidstrio, bestaande uit Linda May Han Oh op bas en Gregory Hutchinson op drums, vooral materiaal van zijn laatste album 'Songbook'. Na enkele instrumentale nummers kwam zangeres Ekep Nkwelle erbij en zong de introspectieve ballad 'Illusion' en het bossa-achtige 'Sonia Braga'. Beide composities van Barron klonken als klassieke American Songbook-stukken. Elk nummer kreeg de mainstream-interpretatie van thema, solo's en ritmisch vraag-en-antwoordspel. Het is een concert dat je eigenlijk in zijn geheel zou willen beluisteren. Gelukkig komt Nkwelle in het najaar met haar eigen combo terug naar Nederland, en speelt Kenny Barron op zondag nog een concert met gitarist Julian Lage en Christian McBride op bas.

Saxofonist Chris Potter was recent nog in Nederland te zien, en hij vertelde hoe dit concert met de nieuwe supergroep op North Sea Jazz tot stand was gekomen. Het blijkt namelijk dat bassist Larry Grenadier en drummer Eric Harland de favoriete ritmesectie zijn van zowel Potter als pianist Gonzalo Rubalcaba. Potter speelt al twintig jaar met hen samen en nam in 2013 bijvoorbeeld het album 'Siren' met hen op.

Aangezien Rubalcaba weleens als special guest met Potter speelde, en omgekeerd, werd vorig jaar in Dizzy's Club in New York het livealbum 'First Meeting' opgenomen. Deze avond speelden ze veel stukken van dat album. Het is symbolisch dat bij musici die zo intens op elkaar reageren en min of meer voortdurend samen improviseren, elk optreden aanvoelt als een eerste ontmoeting. Die spanning tussen elkaar aanvoelen en - zonder de vertrouwde routine los te laten - toch elke maat opnieuw invullen alsof die nieuw is, brengt de zaal samen met de musici naar de beleving van het moment.

Ook bij het concert van Joshua Redman is het die ingehouden adem, bij het sneller, breder en hoger gaan, die ervoor zorgt dat publiek en ensemble samen, als het ware voldaan, de 'sigaret erna' opsteken wanneer het hoogtepunt is bereikt.

De reis met OV is een massaal gebeuren, maar de prikkels zinderen nog door en bij thuiskomst komt direct het blokkenschema voor de volgende dag op tafel.

Klik hier voor een fotoverslag van de eerste dag van North Sea Jazz 2026 door Louis Obbens.