|
Draai om je oren Festivalverslag |
home |
||
|
| |||
|
Gent Jazz Festival 2016 Dag 4 Gent Jazz is al jaren geen exclusief op jazz-gericht festival meer, maar zo wordt het wel nog gepercipieerd. Meerdere (pop-)bands die op 10 juli aantreden gebruiken wat meewarige grapjes over hun veronderstelde technische tekortschieten (à la "we hebben maar drie akkoorden, vergeef het ons"). Beetje belegen, maar dat is natuurlijk het beeld waar jazz al jaren mee opgescheept zit en dat deels ook in de hand gewerkt is door muzikanten, liefhebbers én pers. Maar je moet al redelijk blind en doof zijn om niet te merken dat er de voorbije jaren iets zat te broeien en dat het de dingen verandert. Want zoals een recent verschenen artikel in The Guardian duidelijk maakte, lijkt een aloude, vermoeiende discussie in de jazzwereld, die tussen de traditionele en de experimentele flank, intussen beslecht te worden door een derde partij. Festivalverslag in woord (Guy Peters) en beeld (Cees van de Ven, Geert Vandepoele)
En zo belanden we via een omweg bij Nordmann. Sommigen zullen dat geen jazz noemen, maar dat is wel de achtergrond waar ze uit voortgekomen zijn en nu een eigen wending aan geven. En eigenlijk doet het er niet toe of je het nu jazzrock, rockjazz, rock met een jazzy toets of desnoods gewoon rock-'n-roll noemt. Feit is dat ze er intussen behoorlijk goed in geslaagd zijn om de twee werelden dichter bij elkaar te brengen. Ze staan er alle vier bij als rockers, in het zwart, grossieren in decibels, galm en etherische, tranceachtige bezweringen, maar net zo goed in hectische wendingen en onheilszwangere momenten waarin de gierende en/of sputterende sax van Mattias De Craene naar de voorgrond treedt.
Moondog by Roland and Friends vatte het eigenlijk al mooi samen. Samen met zes kompanen ging Roland Van Campenhout een hommage brengen aan een van de meest markante figuren van de twintigste-eeuwse muziek, een unieke componist, instrumentenbouwer en muzikant wiens volledige leven leest als een lang kunstproject en wiens invloed reikt tot de jazz, klassiek, rock-'n-roll en avant-garde. Moondog, 'the Viking of 6th Avenue', was in de weer met vreemde klanken, eigenaardige instrumenten en het geluid van de straat, maar hij schreef ook songs die gaandeweg een publiek vonden. Gefundenes Fressen voor 'onze' Roland, die een stelletje Belgische zwaargewichten opgetrommeld had voor een set die als vanouds vooral uitblonk in Rolandmuziek: een wereld van roots zonder echt duidelijke allianties.
Kortom: geen hokjesdenken, want het leek wel alsof de werelden van, pakweg, Dr. John, Santana, Van Dyke Parks en Chuck E. Weiss bij elkaar gebracht werden. Een beetje vergelijkbaar met de manier waarop Roland met Steven De Bruyn en Tony Gyselinck ook al niet wist wat kiezen en dan maar iets deed met die schizofrene tussenvorm. Dat werkte meestal wel, al bleef het soms iets te beredeneerd of ingestudeerd om zichzelf te overstijgen. Je zag een paar uitstekende muzikanten hun ding doen. Enkel wat meer spontane gekte – het zou hier wel op zijn plaats geweest zijn – ontbrak er nog aan. Flat Earth Society was er ook al bij op de tweede editie van Gent Jazz (toen nog het Blue Note Festival) in 2003, en is intussen uitgegroeid tot een vaste waarde in het Belgische jazzlandschap. Het kierewiete daverorkest onder leider van Peter Vermeersch komt op gezette tijden met een nieuwe programma op de proppen en zorgt nog steeds voor een onweerstaanbare adrenaline-injectie van delirische ongein en vele richtingen tegelijkertijd uit spetterende actie. Deze keer waren ze van de partij met hun 'Terms Of Embarrassment'-programma en brother in arms Mauro Pawlowski in de rangen. De invloed van Zappa, al langer aanwezig in het werk van Vermeersch én Pawlowski, werd daarmee nadrukkelijker dan ooit in de kijker gezet.
De gast voert ook nog een vocaal duet uit met tubaïste Berlinde Deman in 'Solitude', een merkwaardig stukje, zowel voor Zappa als voor dit orkest, want eerder op maat van Neil Diamond. Ergens aan het einde krijgen we ook nog 'Abracadabra' voor de kiezen. Klassieke FES, vol explosieve momenten in de traditie van Zorn & Stalling. Anno 2016 zal Flat Eath Society misschien niet meer verbazen zoals in 2003, maar staat de bende er nog altijd als vaandeldrager van de overvloedig gulpende orkestjazz in België. Always different, always the same. Balthazar, meer dan wat oppervlakkige dingen kunnen we er eigenlijk ook niet over zeggen. We hebben er geen albums van, kunnen er geen songtitels van meegeven (misschien is dat waarom we amateurs blijven) en met moeite een melodietje van neuriën. En als we dan al een song hoorden, dan had het door die meerstemmige zang altijd iets van zeemansliederen in suikerpopformaat. Maar kijk, nooit te ooit om bij te leren, dus vanop de zijlijn dan maar eens kijken naar de band waar anno 2016 iedereen storm voor loopt (opnieuw een pak jong volk op de festivalweide, fijn!). Snel wordt duidelijk dat het talrijk opgekomen publiek uit de handen van het vijftal eet. Nu ja, dat is niet nieuw, Regi speelt dat ook voor elkaar. Maar toch.
Ook deze keer weer vier concerten in de Garden Stage. De eerste drie concerten waren in het kader van een coachingsproject in samenwerking met het Conservatorium van Hogeschool Gent. Barefoot And The Shoes zoekt het in de zone tussen indiepop en singer-songwriterambacht. Het klonk allemaal netjes, misschien ook een beetje té veilig, al beschikt die zanger over een klok van een stem waar nog iets mee te doen valt. We waren ook niet helemaal overtuigd van Seiren. Een drummer, laptopman en zangeres probeerden om botsende elektronica, ijzige pop en wat jazzy atmosferen bij elkaar te steken, maar ondanks de imponerende overgave, theatrale lichaamstaal en sterke stem van zangeres Charlotte Jacobs bleef er weinig van hangen.
Tenslotte was er nog Kamikaze, een band waarvan de overlevering wil dat ze meer dan anderhalf decennium geleden opgericht werd om vervelende tooghangers naar huis te jagen. Bart Maris (trompet), Tom Wouters (drums), Filip Wauters (gitaar) en Kristof Roseeuw (bas) zijn sindsdien allemaal vaste waarden geworden (of eerder: gebleven) in de Belgische en vooral Gentse scene, en kwamen nog eens (en naar verluidt ook echt eenmalig) samen om het volk opnieuw buiten te jagen. Dat gebeurde met een redelijk gemoedelijke set die een opvallend democratische bedoening werd, waarin niemand echt het laken naar zich toetrok. Het was vrij en spontaan, al zorgde Wouters wel regelmatig voor een houvast met stuwende ritmes. Amusant zonder echt te pieken (vijftien jaar is lang natuurlijk), maar fijn om ook eens wat pure improvisatie voorgeschoteld te krijgen, ook al ging het dan voorbij aan de honderden aanwezigen die iets verderop, in het grootste openluchtcafé van de regio, de Gentse Feesten wat vroeger op gang trapten. Dit verslag verscheen ook op Enola.be Klik hier voor een fotoverslag van dag 4 van Gent Jazz 2016 door Cees van de Ven. |
|