Draai om je oren
Jazz en meer - Take Ten



home  
    
    
 

Take Ten
Michiel Braam: "Essentieel is dat ik uiteindelijk een persoonlijke vorm vind om iets te verwerken in mijn muziek. De rest is onbelangrijk."

Michiel BraamMichiel Braam (1964) ontving in 1997 de VPRO/Boy Edgarprijs. Geprezen om zijn gedegen vakmanschap als pianist en componist. Hij is gekend om zijn gevoel voor humor dat in composities en spel doorklinkt. Bij Braam zal men zich niet snel vervelen. Met zijn Bik Bent Braam zoekt en vindt hij steeds onverwachte muzikale zijwegen, maar altijd is er een onderliggende structuur/basis waarop men na zo'n ontdekkingstocht weer kan terugvallen. Of zoals hij zelf zegt over de voor hem zo essentiële spanningsboog in muziek: "Het doel is te vertrekken vanuit een duidelijk punt en daar na een spannende reis weer thuis te komen". Hij omringt zich met die musici die in staat zijn om met hem zo'n reis te maken. Voor Michiel moet wat er gespeeld wordt vooral spontaniteit hebben en fris blijven, het moet iedere keer weer net of helemaal anders, zodat het avontuur blijft. Daarom zijn Braams concerten momentopnamen. Het is er maar een keer en er komt nooit meer een exacte herhaling. Vragen als waaraan zijn muziek refereert of waarmee men Braam zou kunnen vergelijken, zijn overbodig: Braam is Braam. Punt. Hij haalt het beste uit zijn medemusici naar boven en maakt iedereen 'mondig'. Zo creëert hij een acceptabele muzikale anarchie die in boeiende concerten resulteert. Hij is de verstrekker van een elixer dat degenen die het tot zich nemen muzikaal jong en alert houdt. Geen cosmetische verjongingskuur, maar een die onderhuids gaat en met een lange houdbaarheidsfactor.

10 januari 2004

mijn Ding:
"Mijn voornaamste werkzaamheden zijn Bik Bent Braam, Trio BraamDeJoodeVatcher, All Ears en soloconcerten. De ene periode werk ik met de ene groep, dan weer een tijdje met een ander project. Zo was ik afgelopen maand op tournee met het trio in de Verenigde Staten en Canada, en deze maand weer met de Bik Bent. Volgende maand wil ik mijn tweede solo-cd op gaan nemen. Voor de verandering een keer een plaat thuis opnemen, met mijn eigen vleugel dus, een Rippen tropenvleugel."

mijn Achtergrond:
"Ik heb pianoles gehad op een muziekschool en daarna conservatorium gedaan in Arnhem. Ik ben afgestudeerd in de eerste lichting van de afdeling 'lichte muziek', een nare, maar door iedereen nu wel begrepen, term voor jazz, pop, enzovoorts. Maar mijn allerbelangrijkste leerschool waren de musici met wie ik speelde en de interesses die ik zelf ontwikkeld heb. Dus ben ik altijd in de weer geweest met het opzetten van groepjes, en het schrijven van muziek daarvoor. Van Cubaanse danzón via dansorkestjes tot vrij geïmproviseerde muziek. Deze persoonlijke opvattingen over onderwijs (veel doen, interesse hebben, verwerken tot een persoonlijk verhaal, wat dat dan ook is) hebben een prominente plaats gekregen in mijn werk als hoofd van de opleiding Lichte Muziek van het conservatorium ArtEZ (de conservatoria van Arnhem en Zwolle). Ik vind het belangrijk dat studenten hun studie zoveel mogelijk vanuit hun eigen muzikale keuzes vormgeven."

mijn Instrument:
"Ik geniet er erg van op steeds weer andere instrumenten te spelen; dat moet ook wel als pianist. Het is wel belangrijk dat hij goed werkt, dat ik kan doen wat ik wil doen, maar de afwisseling in geluid geeft telkens weer een nieuwe inspiratie. Thuis heb ik een Rippen tropenvleugel uit 1957, zoals ik al zei. Die heeft een aluminium huis, en is minder gevoelig voor wisselende vochtige omstandigheden. Vandaar de naam ook. Werd vroeger veel gebruikt in de tropen of op schepen. Voor een huiskamer is het geluid ruim voldoende, voor een concertzaal zou het te weinig zijn. Hij speelt erg prettig. Dat is belangrijk, dat je niet door je instrument wordt tegengewerkt. En hij is pistache van kleur. Typisch 1957..."

mijn Jazz:
"Muziek waarin geïmproviseerd wordt. Het zelf dingen (erbij) verzinnen of veranderen omdat je het op een gegeven moment belangrijk vindt, heb ik al belangrijk gevonden zolang ik mij kan herinneren."

mijn Inspiratie:
"Alles en iedereen. Essentieel is dat ik uiteindelijk een persoonlijke vorm vind om iets te verwerken in mijn muziek. De rest is onbelangrijk."

mijn Rek:
"Zijn er best veel en de vraag is dus best lastig. Een paar dingen komen telkens weer terug en heb ik bijvoorbeeld ook vanaf lp op cd gebrand om in de auto te luisteren. Ellington - 'And His Mother Called Him Bill' en dingen uit 30-er jaren, zoals 'Caravan' uit die periode, Davis - 'Porgy + Bess' en 'Kind Of Blue', Tristano - plaat met trucs ('Turkish Mambo', 'Line Up', vooral dat laatste stuk: indrukwekkend), Monk - alles uit elke periode, Mingus - 'Mingus Mingus Mingus Mingus Mingus' en meer, 'Woyzeck' - uitvoering gedirigeerd door Abbado, Goldberg variaties door Gould (oude en jonge versie, leuk verschil), enzovoorts, enzovoorts. Laatste tijd veel leuke popdingen, staan allemaal op verzamel-cd's van Sjors, mijn zoontje. Zit veel goeds bij, gelukkig opvallend veel persoonlijke stemmen."

mijn Voorbeeld:
"Weet ik niet."

mijn Drijfveer:
"Ik vind het belangrijk dat mensen zich uitgenodigd voelen mee te doen als ze mijn muziek horen, om zelf richtingen te bedenken waar het heen zou kunnen gaan. Dat geldt overigens zowel voor medemusici op dat moment als voor het publiek. Muziek waarnaar alleen passief wordt geluisterd is overbodig, tenminste als muziek (het kan wel een functie hebben, zoals in een restaurant zodat je de gesprekken van de andere tafels niet kunt horen). Ik denk dat ik wat bereik als de luisteraar (inclusief mijzelf) zelf vanuit mijn muziek beelden kan oproepen en zo wordt gemotiveerd te ontwikkelen of te ontdekken in de breedste zin van het woord."

mijn Hoogtepunt:
"Het laatste project. Zal wel altijd zo blijven, en is op een enkele mislukking na ook altijd zo geweest."

mijn Toekomst:
"Nu dus Bik Bent Braam met 'Growing Pains', in februari de opname van de solo-cd 'Michiel Versus Braam', waarop ik soloversies speel van stukken die al op andere cd's verschenen zijn (met daarbij een boekje met de bladmuziek). Volgend seizoen een reprise van All Ears, maar dan een wereldtournee. Over een aantal jaren wil ik een opera uitbrengen met mijn trio, Zapp en een aantal zangers. Dat zal een bonsai*-opera worden, waarin bij elke uitvoering veel zal worden gevraagd van ieders montagekwaliteiten, om maar wat te noemen."

*Bonsaien
"Wat betekent het? En hoe werkt het, dat monteren? Ik heb het destijds zo aan mijn musici uitgelegd:

Ik beschouw de stukken als bouwstenen die in verschillende verschijningsvormen kunnen langskomen, soms vaker in een programma, in verschillende verschijningsvormen, en die op een bepaalde manier wel of niet aan elkaar gemonteerd worden danwel los van elkaar kunnen worden gespeeld, waarbij het geenszins nodig is dat alle bouwstenen ook daadwerkelijk worden gebruikt. Het proces dat ik als schrijver van een suite aan de schrijftafel doormaak, wordt nu gedeeld door alle leden van Bik Bent Braam. Dat brengt risico's met zich mee. Datgene wat in feite altijd al van ons verlangd wordt in een concert, 100% alertheid op elk moment, is nu misschien nog wel meer bittere noodzaak. Even achterover leunen is nu eenvoudig onmogelijk. Want dan ontstaat er niets. Iedereen is voortdurend alert op acties van anderen en zichzelf.

Praktisch:
Iedereen heeft de eerste verantwoordelijkheid over 2 bouwsteentjes, ik bijvoorbeeld over 'Michiel Bonsai 1' en 'Michiel Bonsai 2' (ik wilde eerst 3 doen, maar heb besloten dat dat te veel wordt en niet bijdraagt aan het geheel). Ergens in het programma (dat kan na een stilte of applaus zijn, maar ook terwijl er iets anders zoals bijvoorbeeld een improvisatie bezig is) vind ik het noodzakelijk dat 'Michiel Bonsai 2' wordt gespeeld. Ik maak dat aan de rest van de Bent duidelijk door bijvoorbeeld 2 vingers op te steken (als dat nodig is; sommige stukken hebben een zo duidelijk intro dat het onderscheid tussen 1 en 2 duidelijk is en kan worden volstaan met het aangeven dat er een stuk van iemand gespeeld wordt), waarna iedereen razendsnel het boekje open bladert bij 'Michiel Bonsai 2'. Als ik een intro heb kan ik daarmee aangeven hoe het tempo, het volume en de sfeer ongeveer zijn, zoniet kan ik iets indirigeren voor de musici die het eerste invallen. Die kunnen ernstig verschillen van de voorgeschreven tempi, volumes en sfeer (een bebopstukje kan zomaar een ballad worden, om maar een flauw voorbeeld te geven). Ik wil iedereen vragen voorafgaand aan de repetities vast na te denken wat voor specifieke mogelijkheden de twee toebedeelde bouwstenen hebben (en dat proces vanzelfsprekend voortdurend levend te houden). Behalve de 26 bouwstenen kan in een programma gebruik worden gemaakt van improvisaties die niet direct aan deze gelieerd zijn of spontane directies. Zoals ik al zei kan een set bestaan uit een lange suite, maar ook uit veel korte stukjes, en alles wat daartussenin zit."


Meer weten?

  • Bekijk de website van Michiel Braam.
  • Klik hier voor foto's van het concert van Bik Bent Braam in Tilburg (Paradox) op 5 maart 2004.
  • Klik hier voor foto's en een recensie van het concert van Bik Bent Braam in Eindhoven (Wilhelmina) op 5 januari 2004.
  • Klik hier voor foto's van het concert van Bik Bent Braam in Eindhoven (Wilhelmina) op 11 maart 2002.
  • Klik hier voor foto's en een recensie van het concert van All Ears in Eindhoven (Wilhelmina) op 17 maart 2003.

    tekst intro & foto: Cees van de Ven