Je zit op een rots in de zon met je voeten in het water van een kabbelend riviertje. Je herkent wat je ziet: stromend water, de natuur. En toch is er elke seconde een verrassing. Een visje, achter een steen draait ineens een kolkje... Dit is de muziek van Enrico Pieranunzi en de verklaring waarom ik zijn muziek zo ontzettend mooi vind. En misschien is het wel de ultieme verklaring van de schoonheid van sommige muziek: als het je aangenaam verrast, terwijl je toch ook patronen herkent, aangrijpingspunten hebt. Een verklaring ook van waarom je op bepaalde momenten ineens van muziek kunt gaan houden, die je eerst niet kon begrijpen.
Terug naar Pieranunzi en het album 'Trio, Vol. 2' dat hij in 1988 opnamen met Enzo Pietropaolo (bas) en Alfred Kramer (drums). Ik luister naar de vloeiende, maar soms ook hoekige pianoklanken en hoe ze gedompeld worden in het warme bed van de ritmesectie die zich om de klanken van de hamertjes in de piano heenvouwt. Ik heb even niets meer nodig. Laat mij maar even zitten op die rots.(Erno Mijland, 16.3.03) - - [naar boven]
Lees verder in het archief...