Dossier Chet Baker blijkt vernietigd
Het onderzoeksdossier over de dood van jazzlegende Chet Baker, op 13 mei precies twintig jaar geleden, blijkt vernietigd te zijn. Dit kregen de erven Baker onlangs te horen na een zoektocht langs tal van Nederlandse instanties. De weduwe Carol Baker twijfelt nog steeds over de doodsoorzaak van de muzikant die in 1988 uit raam viel van het Amsterdamse Prins Hendrikhotel.
De Amsterdamse politie, die onderzoek deed naar de dood van de Amerikaanse jazztrompettist, heeft het dossier al in het begin van de jaren negentig vernietigd tijdens een reorganisatie. Volgens het Amsterdamse Stadsarchief, waar normaal gesproken de dossiers terechtkomen, is dit zeer ongebruikelijk. De Amsterdamse politie bevestigt dat doorgaans de dossiers langer worden bewaard.
Uit onderzoek van de politie is in 1988 vast komen te staan dat de verslaafde trompettist bij ongeluk uit het raam is gevallen. Moord of een misdrijf werden uitgesloten en over zelfmoord werd in het geheel geen uitspraak gedaan, hoewel dit ook niet kon worden uitgesloten. Volgens voormalig brigadier-rechercheur Rob Bloos, die destijds het onderzoek naar de dood van Baker leidde, was het een duidelijk zaak. Er waren geen sporen van een misdrijf, en gezien het drugsgebruik van Baker, was hij mogelijk in een roes uit het raam gevallen.
Jhames Lee, de worldwide manager van het Chet Baker Estate die namens de weduwe Baker onderzoek doet naar de doodsoorzaak, neemt daar geen genoegen mee. Hij hoopte juist dat het dossier helderheid over de zaak zou verschaffen. Behalve tegen de politie richt Lee zich ook tegen 'iedereen die in Nederland van Chet Baker profiteert'. Zoals zijn voormalige impresario en platenbaas, de familie Wigt in Wageningen, en het Nederlands Jazz Archief. Maar ook de huidige eigenaar van het Prins Hendrikhotel, die volgens Lee Bakers dood exploiteert door een Chet Baker-kamer aan te bieden en ansichtkaarten te verkopen.
Bron: De Volkskrant(Maarten van de Ven, 9.5.08) - [print]
- [naar boven]

Jazz op verzoek #5
Jazz in Duketown 2007
Het VPRO-radioprogramma Jazz@vpro besteedde vorig jaar een aantal avonden aandacht aan het festival Jazz in Duketown, dat vandaag start in de binnenstad van 's-Hertogenbosch en waar liefhebbers van jazz en aanverwante stromingen gratis kunnen genieten van vele interessante concerten (klik hier voor een programmaoverzicht).
Zoals elk jaar waren ook tijdens de vorige editie de concerten in de Toonzaal smaakmakend en verrassend. Zoals bijvoorbeeld het Duitse trio [em], waarover onze recensent schreef: "Hun enthousiasme en drive is ongeëvenaard. Het is fysiek merkbaar hoe deze drie jonge honden zich op het repertoire storten. Interactie, goed naar elkaar luisteren, acute reactie en formidabele instrumentbeheersing: ziedaar [em]'s trioconcept." Met pianist Michael Wollny, bassiste Eva Kruse en slagwerker Eric Schaefer. Klik hier om dit concert te beluisteren.
De Talking Cows zijn druk bezig met hun tweede cd, die later dit jaar moet gaan verschijnen. Vorige maand liet dit viertal - Frans Vermeerssen (tenorsax), Robert Jan Vermeulen (piano), Dion Nijland (bas) en Yonga Sun (drums) in een concert in de Lindenberg in Nijmegen horen dat ze erin geslaagd zijn, om in hun toch onmiskenbaar eigen sound nieuwe ingrediënten te integreren. Zo hoorden we samba-, calypso- en walsinvloeden. Vorig jaar traden zij ook op in de Toonzaal tijdens Jazz in Duketown. "Op de Blue Note-periode georiënteerde straight jazz met een vleugje free jazz", aldus onze recensent. Beluister dit concert hier.
Een absoluut hoogtepunt van de vorige editie vormde het concert van Azul, de formatie van de Portugese bassist Carlos Bica. "Het trio, met gitarist Frank Möbus en drummer Jim Black, verzorgde een spectaculair optreden. Rock, soul, pop, filmmuziek. Een zo nu en dan ontketende Möbus en de immer waanzinnig inventief drummende Jim Black veroorzaakten een welhaast magische luisterervaring. En laat Bica maar plukken en strijken. Azul dus, een effectief en compact trio dat het publiek vijf kwartier in de greep hield." Klik hier om dit concert te beluisteren.
Andere Jazz in Duketown-concerten die zijn te beluisteren bij Jazz@vpro: New Niks, Lars Dietrich Group en Natalio Sued 4.
Meer weten?
Klik hier voor een uitgebreid verslag van Jazz in Duketown 2007 door Jacques Los, met fotoverslagen van Maarten Jan Rieder en Cees van de Ven.
(Maarten van de Ven, 9.5.08) - [print]
- [naar boven]

1 + 1 + 1 = 4 bij Christian Doepke Trio
maandag 28 april 2008, Old Quarter, Amsterdam
Het was de allereerste keer dat de in München geboren pianist Christian Doepke in deze jazzclub optrad. En dat is niet zo vreemd, want ondanks het feit dat Doepke alweer een aantal jaren in Nederland woont, is hij na zijn afstuderen aan het conservatorium van Arnhem in 1989 (studierichting jazzpiano) weer naar zijn geboortestad teruggekeerd.
Nu was het dus zijn Old Quarter-debuut, samen met twee leden van het basistrio: contrabassist Branko Teuwen en drummer Klaas van Donkersgoed. Ondanks het feit dat Doepke nog nooit met de twee andere trioleden gespeeld had, werd het voor het toegestroomde publiek (de Old Quarter was geheel gevuld) van meet af aan duidelijk dat er deze maandagavond iets bijzonders stond te gebeuren.
Waar het bij vele pianotrio's gebruikelijk is dat de drie leden haast plichtmatig stuk voor stuk hun solo's voor hun rekening nemen, daar was het door de drive van spelen van dit trio zo, dat het net leek of we hier met een kwartet van doen hadden. Men vulde elkaar niet alleen aan bij het soleren, maar voegde er als het ware een extra dimensie aan toe, die je als muzikaal enthousiasme kunt bestempelen. De gekozen nummers, veelal afkomstig uit het standaardrepertoire van menige jazzgroep, werden aangevuld met stukken van Carlos Jobim, Christian McBride, Herbie Hancock en Branford Marsalis. En dit alles werd met een intelligente en swingende uitwerking neergezet.
Doepke is te typeren als een elegant spelende pianist met een sterke, soepele en soulvolle groove, die de ene keer aan Bill Evans en dan weer aan Bobby Timmons of Eugen Cicero doet denken. En het leuke is dat hij in zijn speelwijze het gebruik van stevig aangezette blokakkoorden totaal niet schuwt. Teuwen, spelend op een bijzonder smal vormgegeven lichthouten contrabas, was de grote stuwende basisgrondlegger van deze drie getalenteerde spelers. Hij wist in zijn solopartijen niet alleen zijn medespelers, maar ook het publiek keer op keer te enthousiasmeren. En door intens naar zijn medespelers te luisteren, toonde de jeugdige Van Donkersgoed aan het ene moment de boel goed te kunnen opjuinen door felle accenten te plaatsen, om vervolgens weer subtiel en behendig zijn brushes te hanteren.
Het is te hopen dat dit concert van Christian Doepke beslist niet zijn laatste in de Old Quarter zal zijn.
(Rolf Polak, 8.5.08) - [print]
- [naar boven]
Huub van Riel ontvangt Jazz Industry Achievement Award
Huub van Riel (1951) ontvangt tijdens de Dag van de Nederlandse Jazz op vrijdag 16 mei aanstaande de Jazz Industry Achievement Award. De prijs, die zal worden uitgereikt door Hans Dulfer, is vorig jaar door stichting JazzNL in het leven geroepen om personen te onderscheiden die zich gedurende langere tijd inzetten of ingezet hebben voor de instandhouding en ontwikkeling van de Nederlandse jazz.
Van Riel, momenteel artistiek directeur van het Bimhuis, begon zijn carričre als jazzprogrammeur in 1975. Eerst met jazzconcerten in De Kroeg en vanaf 1977 in het Bimhuis. Daarnaast programmeerde hij van 1984 tot 2004 jazz in het Stedelijk Museum. Vanaf 1976 was hij enige jaren coördinator van Stichting Jazz en Geďmproviseerde Muziek in Nederland (SJIN). Sinds 1989 is hij voorzitter van het Europe Jazz Network, waarvan hij medeoprichter is. Ook is hij grondlegger van de Dutch Jazz Connection. Hij was onder andere jurylid bij de Wessel Ilcken prijs, de Boy Edgar Prijs, de Podiumprijs, de Pierre Bayle Prijs, de Bird Award en de European Jazz Prize. Naast een speciaal ontworpen gouden blue note speld ontvangt de winnaar een prijs van 1500 euro.
De jury annex benoemingscommissie bestond uit Bob Hagen (Jazzimpuls), Anne de Jong (Challenge Records/Sena), Eric Bruger (Jazzism), Sander Grande (North Sea Jazz Festival), Cees Gog (Dutch Jazz Competition) en Anita Verheggen (NTB). Het juryrapport prijst onder meer Van Riels jarenlange inzet voor de internationale promotie en ontwikkeling van de Nederlandse jazz en benadrukt zijn bijdrage aan de ontwikkeling van het Bimhuis tot internationaal toonaangevend jazzpodium.
De uitreiking van de Award vindt plaats tijdens de Dag van de Nederlandse Jazz op 16 mei aanstaande in Amersfoort. Deze Jazzdag is in haar korte bestaan uitgegroeid tot de grootste netwerkbijeenkomst voor de Nederlandse jazzsector waar musici, podia, fondsen, rechtenorganisatie, festivals, clubs, platenmaatschappijen en de media bijeenkomen. Het programma van de Jazzdag bevat seminars, workshops, een jazzmarkt en een toonaangevend showcaseprogramma dat ook voor publiek toegankelijk is.
Klik hier voor meer informatie.
(Jacques Los, 8.5.08) - [print]
- [naar boven]

Voorspelbare wispelturigheid bij Matthew Shipp
maandag 28 april 2008, Jazzpower, Wilhelmina, Eindhoven
Als een jazzpianist het podium betreedt met een bassist en een drummer zijn er twee mogelijkheden. Of het wordt een traditioneel trio, of ze doen hun best om met deze conventionele bezetting iets heel anders te doen. Pianist Matthew Shipp staat bekend als een creatief en vernieuwend musicus. Maar voor het optreden bij Jazzpower koos hij voor een conservatieve benadering. Het was een teleurstelling om telkens weer klanken en ideeën van veertig jaar geleden voorbij te horen komen.
Shipp zelf blonk met zijn spel uit in wispelturigheid. Vaak schoten zijn handen schijnbaar lukraak over de toetsen. Met een ruk van zijn schouders liet hij een arm omhoog springen en weer neervallen. Dan weer speelde hij razendsnelle noten in een opeenvolging die buiten elke harmonische structuur om gingen, om vervolgens een paar gloedvolle akkoorden neer te zetten, waarna hij weer een totaal andere kant op ging. Hij was al even onvoorspelbaar in de accenten die hij legde. Hij leek er vooral op gericht elke schijn van een patroon onmiddellijk te willen doorbreken. Daarin werd hij echter al snel heel voorspelbaar.
Voor bassist Joe Morris en drummer Whit Dickey waren slechts rollen aan de zijlijn toegedacht. Ze mochten Shipps extraverte pianospel een ritmische basis geven. Dat deden ze zonder mankeren, maar ook zonder veel inventiviteit. Ze bleven onderdanig binnen de grenzen die Shipp hen stelde, gaven hem nergens tegenweer, en mochten enkele keren even wat van zichzelf laten zien in obligate solo's.
Veertig jaar geleden was dit een opwindende manier van musiceren, betraden muzikanten nieuwe wegen. Als Shipp de moeite had genomen om er iets aan toe te voegen, om deze stijl te gebruiken als een lanceerplatform voor reizen naar nieuwe werelden, dan was het nog te rechtvaardigen geweest. Nu was het alleen een herhaling van zetten.
Klik hier voor een fotoverslag door Cees van de Ven.
Deze recensie verscheen eerder in het Eindhovens Dagblad.
(René van Peer, 7.5.08) - [print]
- [naar boven]

Matana Roberts Quartet - 'The Calling' (Utech Records, 2007)
Goede punten en slechte punten voor het freejazz-label Utech Records. De goede: ze bestaan en ze durven risico nemen. De slechte: de meeste opnamen zijn live en van een opnamekwaliteit die je dezer dagen zelfs van live-opnamen niet meer verwacht. En dat is niet eigen aan deze cd, ook bij de andere is het zo. Tot zover het gezaag.
De in Chicago geboren altsaxofoniste en klarinettiste Matana Roberts heeft nu haar eigen kwartet, na haar band Sticks & Stones (een saxtrio) te hebben geleid voor enkele jaren. Op 'The Calling' wordt ze vergezeld door Taylor Ho Bynum op cornet, Thomson Kneeland op bas en Tomas Fujiwara op drums. Hier pakt ze een aantal klassiekers op, zoals Billy Holiday's 'My Man', Sun Ra's 'We Travel The Spaceways' en Louis Armstrongs 'Do You Know What It Means (To Miss New Orleans)', het laatste nummer verwijzend naar de verwoesting van orkaan Katrina.
Deze band brengt prima free jazz, met veel openheid en creatief en intens samenspel, afgewisseld met rustige momenten, maar aarzelt evenmin om bij momenten de basismelodieën op een traditionele swing- en bopmanier te brengen, of een speelse call-and-response tussen sax en cornet af te leveren. Kortom, een leuke trip door de jazzgeschiedenis, maar dan herdacht vanuit een vrij modern perspectief. Dat alles maakt het gebrek aan klankkwaliteit des te erger.
Meer weten en horen?
Op de website van Matana Roberts kun je het titelnummer van dit album beluisteren. Klik daarvoor op 'sounds' in de menubalk. Surf ook eens naar haar MySpace-pagina.(Stef Gijssels, 7.5.08) - [print]
- [naar boven]

Finalisten Deloitte Jazz Award bekend
Zangeres Esra Dalfidan en pianisten Gideon van Gelder en Michal Vanoucek gaan door naar de finale van de Deloitte Jazz Award 2008. Juryvoorzitter Peter Krom maakte dit gisteravond bekend na afloop van een spannende voorronde in Toomler Theater te Amsterdam. Naast de drie gekozen finalisten namen pianist Pieter de Graaf en saxofonisten Cyrille Oswald en Paul van der Feen deel aan de voorronde. De deelnemers traden op met het trio van bassist en voormalig Deloitte Jazz Award winnaar Stefan Lievestro.
De finale vindt plaats op woensdag 11 juni 2008 in het Bimhuis te Amsterdam. De kandidaten worden ook daar begeleid door het Stefan Lievestro Trio. De presentatie is in handen van Wilfried de Jong. De uiteindelijke winnaar ontvangt een bedrag van € 20.000. De andere finalisten krijgen een stimulansprijs van € 2.500.
De Deloitte Jazz Award is een aanmoedigingsprijs bestemd voor getalenteerde jazzmusici die in Nederland gevestigd zijn, hier al een zekere bekendheid hebben verworven en aan het begin van een internationale carričre staan. De prijs is een initiatief van Deloitte en werd eerder gewonnen door Oene van Geel (2002), David Kweksilber (2003), Joris Roelofs (2004), Stefan Lievestro (2005), Jeffrey Bruinsma (2006) en Ben van Gelder (2007).
De jury wordt voorgezeten door Peter Krom en bestaat uit Hein van de Geyn (musicus, producer, docent), Amanda Kuyper (muziekjournalist), Jan Menu (musicus, producer), Jacobien Tamsma (impresario) en Bert Vuijsje (journalist/jazzrecensent).
(Maarten van de Ven, 7.5.08) - [print]
- [naar boven]

Audiocenter
Gé Bijvoet Quartet
"Hij heeft het patent op veelzeggende composities en slaagde erin deze verbaal en muzikaal helder over het voetlicht te brengen. Zijn pianistiek is fijnzinnig, zijn toucher voorbeeldig, zijn dynamiek imponerend. Ook weet hij met zijn spel ruimte en doorzicht te houden."
Dat schreef onze recensent Cees van de Ven over pianist/componist Gé Bijvoet in een recensie van het concert dat hij met zijn kwartet op 13 april 2007 gaf bij Jazz at the Crow in het Eindhovense café Kraaij & Balder. Van dit concert zijn audio-opnamen gemaakt, die wij u hierbij graag presenteren. Klik hier om de concertopnamen te beluisteren.
Meer weten?
Klik hier voor de recensie en het fotoverslag van dit concert.
(Maarten van de Ven, 6.5.08) - [print]
- [naar boven]
Paradox krijgt nieuwe directeur
Het Bestuur van de stichting Bevordering Muziekimprovisatie Paradox in Tilburg heeft Aad van Nieuwkerk per 1 augustus 2008 benoemd tot algemeen directeur van haar instelling.
Het bestuur en medewerkers van Paradox zien in Aad van Nieuwkerk (1958) – in het bijzonder door zijn kennis van en ervaring met jazz, avontuurlijke muziek en wereldmuziek - de juiste persoon om in de komende jaren leiding te geven aan het muziekpodium Paradox en aan de realisatie in 2012 van het nieuwe Paradox in het Veemarktkwartier.
Door deze benoeming willen bestuur en medewerkers een vervolgstap zetten in de aanscherping van het artistieke profiel van Paradox, de vergroting van het publieksbereik en versterking van de positie van Paradox als spraakmakend podium voor jazz en avontuurlijke muziek in Zuid-Nederland.
Aad van Nieuwkerk is momenteel werkzaam voor de VPRO als onder meer eindredacteur crossmedia Radio 6 en eindredacteur Radio 4. Hij woont in Amsterdam.(Maarten van de Ven, 6.5.08) - [print]
- [naar boven]

Eigentijdse muziek in de hardbop-traditie
Dave Douglas Quintet, zondag 27 april 2008, Bimhuis, Amsterdam
Ontegenzeggelijk behoort Dave Douglas tot de meest prominente trompettisten van de hedendaagse jazzscene. Hij speelt met vermaarde muzikanten als Joe Lovano, Anthony Braxton, Tim Berne, Chris Potter, Uri Caine, Roswell Rudd, Marty Ehrlich en talloze anderen. De lijst is schier eindeloos. Met zijn eigen groepen heeft hij in de loop van de tijd zeer succesvolle opnamen gerealiseerd op labels als Soul Note, Arabesque, Bluebird/RCA en zijn eigen Greenleaf Music.
Met zijn huidige kwintet speelt Douglas zeer aangenaam en eigentijds in de hardbop-traditie. Met reminiscenties aan Blakey's Messengers en de kwintetten van Freddie Hubbard en Woody Shaw werden vooral originals van Douglas vertolkt. Qua speelwijze is hij inderdaad schatplichtig aan Shaw en Hubbard. Zijn intervallen, melodische licks, gevarieerde timing van de noten en ferme toon ontleent hij aan de bravour-improvisaties van beide genoemde trompettisten. Met Douglas' staat van dienst, zijn hedendaagse muziekopvatting - zonder de historie te verloochenen – en zijn technische capaciteiten, kan hij beschouwd worden als één van de nieuwe trompethelden.
Het goed op elkaar ingespeelde kwintet - dat kan ook haast niet anders met een uitgebreide Europese tournee die op 18 april in Engeland begon - vertolkte de niet altijd simpel gearrangeerde composities van Douglas met souplesse en groot gemak.
Tenorsaxofonist Donny McCaslin is een nieuw en jong talent. Hij heeft een stevig geluid en soleert op een melodische, rapsodische manier met de nadruk op de flageolettonen. Door uitdrukkelijk virtuoos te spelen wordt de intensiteit en inhoud enigszins veronachtzaamd. Dat was jammer, maar een groot talent is het zeker. Er valt zeker nog wel wat van hem te verwachten.
Zowel bassist James Genus als pianist Orrin Evans speelden een relatief onopvallende rol. Evans, toch een meer dan gemiddeld pianist, leek deze avond weinig geďnspireerd. In tegenstelling tot beide blazers soleerde hij merendeels slechts enkele chorussen. Toch was zijn begeleiding optimaal, hetgeen ook geldt voor Genus' solide basspel. Jammer dat de Fender Rhodes en niet de 'grand piano' in dit kwintet het keuze-instrument was.
Naast het sublieme spel van leider Douglas viel het alerte en subtiele drummen op van Clarence Penn. Zeer smaakvol, zonder heftige geluidexplosies, en dienend begeleidde hij zeer inspirerend zowel het ensemblespel als de solisten. Mede door zijn bijdrage, de originele composities en de voortreffelijke solo's van Dave Douglas was dit een zeer memorabel concert.
(Jacques Los, 5.5.08) - [print]
- [naar boven]
Lees verder in het archief...